Natuur - Dieren


Gewone dolfijn
(Delphinus delphis / capensis)

Namen en verwantschap
Nederlands: gewone dolfijn of echte dolfijn
Engels: Common Dolphin
Frans: Dauphin commun; Dauphin des anciens
Spaans:Delfín común
Duits: Delphin
Zeezoogdier; orde: Cetacea (Walvissen); onderorde: Odontoceti (tandwalvissen); familie: Delphinidae (dolfijnen).
Volgens de meest recente opvattingen worden er drie soorten Gewone dolfijnen onderscheiden, waarvan er twee in Europese wateren voorkomen: de Gewone kortsnuitige dolfijn (Delphinus delphis) en de Langsnuit gewone dolfijn (Delphinus capensis)

Beschrijving
Smal en gestroomlijnd lichaam, rugvin gebogen tot bijna driehoekig, kleine puntige buikvinnen en kleine staartvinnen, laag voorhoofd. De lange, smalle bek is scherp gescheiden van het lagere gedeelte van het voorhoofd door een diepe groef; 40-60 paar kleine, scherpe, teruggebogen tanden in elke kaak; één enkel spuitgat.
Kleur: rug en rugvin zijn zwart of donkerbruin, evenals de buik- en staartvinnen. Onderzijde is wit of crèmekleurig; donkere streep van onderkaak naar buikvin; zwarte ring om de ogen, met een lijn die doorloopt naar de bek. Het meest kenmerkende is het zgn. zandloperpatroon langs de zij, dat de scheiding vormt tussen de donkere boven- en de lichte onderkleur. Dit patroon is bruingeel of geel aan de voorzijde en grijs richting staart (inclusief staartstuk). De V-vormige inkepingen van het zandloperpatroon bevinden zich direct onder de rugvin. De onderlinge variatie is groot, terwijl de verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes juist klein zijn.
Lengte: D. delphis: mannetjes tot 2,2 m; vrouwtjes tot 2 m; pasgeborenen: 0,70-0,90 m. D. capensis: mannetjes tot 2,6 m; vrouwtjes tot 2,3 m; pasgeborenen: 0,70-0,90 m. Het duidelijkste verschil tussen D. delphis en D. capensis is de lengte van de snuit.
Gewicht: volwassen dieren: 100-136 kg; pasgeborenen: 11-16 kg.

Verspreiding
Gewone dolfijnen komen veel voor in gematigde, subtropische en tropische wateren van de Atlantische en de Grote Oceaan. Ze komen ook veel voor in de Middellandse Zee, Zwarte Zee, Golf van Mexico en Rode Zee. D. delphis komt overwegend voor op open zee, terwijl D. capensis een voorkeur voor kustwateren heeft.
De Gewone dolfijn wordt maar zelden in Nederland en Vlaanderen gezien, maar eind september 2002 is een springlevend exemplaar in de Westerschelde terechtgekomen. D. tropicalis komt voor in de Indische Oceaan.
Migratie: In sommige gebieden zijn Gewone dolfijnen het gehele jaar aanwezig, maar andere populaties kennen seizoensmatige migratie die waarschijnlijk samenhangt met de seizoensveranderingen in de vissenpopulaties waarop zij foerageren.

Habitat
Gewone dolfijnen hebben een voorkeur voor diepe wateren met een diepte van 180-200 m en met een oppervlaktetemperatuur boven de 10º C.

Voedsel
Kleine, in scholen levende vissen, inktvissen en pijlinktvissen. Elke dolfijn kan tot wel 8-11 kg vis per dag eten.

Gedrag en voortplanting
Foerageren: Ze eten tegelijkertijd in groepen tijdens dag en nacht. Ze jagen een school vissen op en nemen om beurten een duik door de school, waarbij ze zoveel mogelijk vissen vangen. Soms duiken ze van onderen door de school, waarna ze de vissen in de lucht vangen. De vissen worden heel doorgeslikt.
Sociaal gedrag: Ze leven meestal in groepen van 10-500 dieren, maar samenscholingen van wel 10.000 zijn ook waargenomen. Soms bevat de groep dolfijnen ook Tuimelaars en Witflankdolfijnen. In najaar en winter verlaten de mannetjes de grote groepen vrouwtjes. Verdere scheiding van de seksen vindt plaats in groepen zwangere en zogende vrouwtjes. Moeders in die groepen zorgen samen voor de jongen. Deze dolfijnensoort in vriendelijk voor mensen, maar schuw in gevangenschap.
Geluiden: Maakt veel geluiden: schreeuwen, fluiten, klop- en klikgeluiden die zelfs boven water gehoord kunnen worden. Geluid wordt ook gebruikt om te navigeren (oriëntatie) en voor onderlinge communicatie. Voorbeeld
Mobiliteit: Zwemt snel (gewoonlijk 8-11 km/uur, tot 47 km/uur, wellicht zelfs 65 km/uur); kan in 48 uur maar liefst 240-320 km afleggen. Meezwemmen met boeg- en kielgolven, in de lucht springen, koprollen maken in de lucht, klappen met de buikvinnen en slaan met de staartvinnen wordt vaak waargenomen. Ze duiken meestal 10 seconden tot 2 minuten, maar duiktijden van 8 minuten zijn ook waargenomen. Maximale duikdiepte 280 m. Bij het ademhalen springen ze vaak gezamenlijk uit het water.
Bijzonderheden: Ze slapen met één oog gesloten, waarbij elke 5 tot 10 minuten van oog gewisseld wordt. Gewone dolfijnen zijn intelligente dieren en hebben interesses, angsten, gemoedstoestanden en emoties.
Volwassenheid: mannetjes: volgens één bron: 5-12 jaar; vrouwtjes 6-7 jaar; volgens een andere bron: 12-15 jaar.
Voortplantingscapaciteit: het vrouwtje werpt normaal één enkel jong, maar twee- en drielingen zijn ook waargenomen.
Voortplantingsperiode: ze paren in voor- en najaar; draagtijd 10-12 maanden.
Zoogtijd: 14-19 maanden. Na zes maanden eten jongen soms vast voedsel.
Levensduur: 20 jaar, wellicht zelfs 35-40 jaar.

Predatie en competitie
Haaien en orka's zijn vrijwel de enige vijanden van gewone dolfijnen.

Bedreigingen
Alle belangrijke bedreigingen hangen samen met de mens: jacht (rond de Azoren alsook rond Japan en Zuid-Amerika). In veel gebieden komen dolfijnen om als onbedoelde bijvangst bij de (tonijn)visserij en in lange drijfnetten ("muren des doods"). Andere bedreigingen zijn: verlies aan habitat, verstoring door mensen, chemische verontreiniging, geluidsoverlast en gebrek aan prooidieren.
Strandingen komen niet veel voor bij deze soort.

Bescherming
EU Habitatrichtlijn: bijlage IV
Basisverordening 338-97, Europese Unie, Bijlage A
Bern Conventie Appendix II
Bonn (ook bekend als CMS) Conventie Appendix II
CITES: Appendix II

Aantallen
Onbekend, waarschijnlijk enkele miljoenen.

Aanbevolen literatuur en bronnen:
www.cetacea.org
www.wdcs.org
http://animaldiversity.ummz.umich.edu
http://quin.unep-wcmc.org
The Magna Illustrated Guide to Mammals of Britain and Europe
G. Waller, Sealife. GMB / Pica Press.
M. Würtz and N. Repetto, Walvissen & Dolfijnen.
M. Carwardine e.a. 1998. Walvissen, dolfijnen & bruinvissen.
De Vleet. Ecomare, Texel.