Regio


Groningse kust



De Groningse kust biedt openheid, rust en ruimte zoals die elders vrijwel verloren is gegaan. Vanaf de zeedijk is de Waddenzee te overzien tot voorbij de zandplaten en duinen van Rottum, het enige stukje Nederland waarvoor is besloten dat de natuur er weer helemaal haar gang kan gaan. En in het zeekleigebied vinden fietser en wandelaar vooral eindeloze leegte, maar ook vele oude boerderijen, verstilde dorpen, wierden (Gronings voor terpen), borgen (Groningse landhuizen), kanalen, dijken en kolken (restanten van dijkdoorbraken). De stad Groningen, die de provincie haar naam gaf, is een belangrijk cultureel centrum en als spoorwegknooppunt een prima uitvalsbasis voor een verkenning van het gehele kustgebied.

Voor de Waddenzee en de Waddeneilanden zie de pagina Waddengebied.
Voor meer algemene informatie zie de pagina Nederland.

Natuur en Landschap

Zee en kustlijn
Waddenzee: ondiepe kustzee, onderdeel van een internationaal getijdengebied, bij uitstek kraamkamer voor de Noordzee. Hier leven Gewone zeehonden, Grijze zeehonden en tal van kustvogels en vissen. Langs de Waddenzeekust wordt het Groningse land beschermd door de oude Ommelanderzeedijk met aan de zeezijde hier en daar kwelders.
Dollard (4400 ha): in de 13e eeuw ontstaan brakwatergetijdegebied, eigenlijk het estuarium van de rivier de Eems; langs de rand van de Dollard liggen kwelders die alleen bij stormvloed door de zee worden overspoeld en daarom zijn begroeid met zouttolerante planten. Hier broeden vogelsoorten als Kluut en Tureluur, terwijl ze een belangrijk rustgebied zijn voor honderdduizenden waadvogels. De onbegroeide slikken staan bij elke vloed onder water. Goed te overzien vanaf de Ommelanderzeedijk; er is een vogelhut bij Nieuw Statenzijl.
Ommelanderzeedijk (540 ha): historische zeedijk van de Dollard tot de Lauwersmeer; biedt een uitstekend uitzicht op de Dollard en de rest van het waddengebied en de kwelders.
Uithuizerwad (45 ha): omvat een buitendijkse kwelder en een binnendijks grasland, belangrijk als hoogwatervluchtplaats voor vogels, tijdens de vogeltrek vooral waadvogels en ganzen. Niet toegankelijk, maar goed te overzien vanaf de dijk en een daarop gelegen café.
Groningse kwelders (totaal 185 ha): enkele kweldergebieden die als hoogwatervluchtplaats bieden aan talrijke waad- en weidevogels. Niet toegankelijk, maar goed te overzien vanaf de dijk. Voor excursies: Waddencentrum, Pieterburen.
Lauwersmeer: vroeger de Lauwerszee, maar in 1969 omdijkt; het NO-deel is het militair oefenterrein Marnewaard, het resterende deel is sinds 12 november 2003 officieel Nationaal Park (4617 ha) met vooral gras- en rietlanden, moerasbos en water. Vooral de graslanden hebben een rijke flora (bijv. orchideeën, Parnassia); belangrijk als broedgebied voor steltlopers (met name Kemphaan) en rustgebied voor trekvogels en wintergasten (eenden en ganzen). Het Nationaal Park is vrij toegankelijk op fiets- en wandelpaden. www.lauwersmeer.org, Vogels in het Lauwersmeer

Andere natuurgebieden
Reitdiepdal (225 ha): weide- en krekengebied langs het Reitdiep, gevormd in het brede stroomdal van de oude rivier de Hunze; belangrijk voor weidevogels. Toegankelijk op fiets- en wandelpaden.
Schildmeer (260 ha): water en moerasgebied, ontstaan door veenontginning; riet- en graslanden, struweel en bos. Vooral de vochtige graslanden zijn belangrijk, zowel voor planten (Wateraardbei, Slangewortel) als voor weidevogels (Watersnip, Tureluur), maar in de rietlanden broeden ook diverse soorten (Waterral, Snor). Deels watersportgebied, overigens vrij toegankelijk op wandelpaden; er is een vogelhut.
Ennemaborg (445 ha): uitgestrekt landgoed met een borg (landhuis) met bijbehorend koetshuis, parkbos, bos, landbouw- en recreatiegebied en waterpartijen. Rijk aan paddestoelen, stinzeplanten (Winterakoniet, Sneeuwklokje, Kievitsbloem, Aronskelk, Vogelmelk) en reeën. Grotendeels toegankelijk op fiets- en wandelpaden.
Goldhoorn (130 ha): stuwwalgebied met bossen en graslanden; belangrijk voor vogelsoorten als Velduil, Spotvogel, Paapje en Patrijs. Vrij toegankelijk op wegen en paden.
Scheemdermeer (130 ha) gelegen in een stuwwalgebied met bossen en graslanden. Vrij toegankelijk op fiets- en wandelpaden.

Cultuurlandschappen
In het noordelijke zeekleigebied zijn vooral akkers, in het centrale zeekleigebied ten noorden van de stad Groningen wordt overwegend gedomineerd door graslanden met veeteelt. Er is weinig bebouwing; op uitgestrekte vlakten staan verspreide, meest grote 'herenboerderijen'.

Natuurcentra
Arboretum Eenrum: botanische tuin met ca. 2000 boomsoorten. Vrij toegang. Ernstheemsterpad, Eenrum (bus vanaf station Winsum). Tel. 0595 491913.
Waddencentrum Pieterburen: informatiecentrum over de Waddenzee. Niet gratis. Hoofdstraat 83, Pieterburen (bus vanaf station Baflo). Tel. 0595 528522.
Zeehondencrèche: Hoofdstraat 94A, Pieterburen (bus vanaf station Baflo). Tel. 0595 528285.
Domies Toen: botanische tuin, naar verluidt de oudste van Nederland. Niet gratis. Hoofdstraat 76, Pieterburen (bus vanaf station Baflo). Tel. 0595 528636
Duurzaamheidscentrum Lauwersoog: een nieuw initiatieven, om op de Haven van Lauwersoog een groot
publiekscentrum op te zetten, www.duurzaamheidscentrum.nl
Natuurmuseum: geologie, landaanwinning, natuur en landschap van Groningen; speciale tentoonstelling over de ijstijden. Niet gratis. Praediniussingel 59, Groningen. Tel. 050 3676170, www.natuurmuseum.org
Hortus Haren: botanische, Chinese en Keltische tuin. Kerklaan 34, Haren (bus of treintaxi vanaf station Groningen). Tel. 050 5370053, www.hortusharen.nl.
De Heemtuin: natuur- en milieucentrum, heemtuin (10 ha) met veenkoloniale flora en stinsebos. Vrij toegang. Nieuweweg 127, Muntendam (bus vanaf station Groningen). Tel. 0598 632770.

Vogelhutten in Groningen: een overzicht van de observatiehutten, -schermen en -punten.