|
Regio |
| Schiermonnikoog |
![]() |
Schiermonnikoog is het kleinst bewoonde waddeneiland dat Nederland bezit. Met
zijn 16 km lengte en 4 km breedte is het eiland een taboe voor auto’s
en brommers. Voor de inwoners van het eiland zijn auto’s en brommers natuurlijk
wel toegestaan. Wie Schiermonnikoog wil bezoeken moet zijn auto achterlaten
in het Groningse Lauwersoog om verder te gaan met de boot. Het eiland is uitermate
geschikt voor fietsers en wandelaars die behoefte hebben aan rust. Fietsen zijn
er dan ook in overvloed te huur. Het enige dorp op het eiland heet ook Schiermonnikoog.
Het dorpje is gebouwd in 1720 en heeft karakteristieke straatjes met kleine
huisjes waar alle voorzieningen aanwezig zijn. Buiten het dorpje bestaat Schiermonnikoog
voor het merendeel uit natuur. Deze natuur is in 1989 aangewezen als Nationaal
Park. Men kan er duinen, bossen, wad, polders en de breedste stranden van het
land vinden. Schiermonnikoog staat ook wel bekend als “vogeleiland”.
Ook in het hoogseizoen als het eiland overspoeld wordt door toeristen zijn er
nog altijd meer vogels aanwezig dan mensen. Gedurende het hoogseizoen worden
er op het eiland allerlei activiteiten verzorgd voor alle leeftijdscategorieën.
Aantal inwoners: 944 (2009)
QualityCoast BasiQ BRONZE Certificate 2011
In mei 2011 heeft Schiermonnikoog het internationale keurmerk voor kustgemeenten
behaald, het Quality Coast BasiQ BRONZE Certificate. Dit is een keurmerk van de Coastal & Marine
Union (EUCC) en Kust & Zee en stimuleert kustgemeenten om kusttoerisme te
integreren in het natuurbeheer en het lokale karakter van de plaats.
Voor meer algemene informatie: pagina Waddengebied en Friese kust
Natuur en landschap
Op Schiermonnikoog is een groot Nationaal park aanwezig. Het gebied is sinds 1989 als Nationaal Park uitgeroepen door de nationale commissie parken. Het park heeft een grootte van 5400 ha. Het beheer van het park valt onder de Vereniging Natuurmonumenten. Omdat het een nationaal park is moeten beheer, natuur- en milieueducatie en natuurgerichte recreatie extra kwaliteit hebben. Binnen het nationaal park lopen enkele bijzondere beschermingsprojecten, nl. Eendenkooi, Begrazing, waterbeheer en bosbeheer. www.nationaalpark.nl/schiermonnikoog/
Zee en kustlijn
De Noordzeestranden van Schiermonnikoog behoren tot de breedste standen van
Europa. De zee voor de kust van het eiland noemt men ook wel de “onderwaterdelta”
en is ondiep. De stranden zijn opvallend vergroend wat eigenlijk als heel opvallend
maar zeer aangenaam wordt ervaren. De stranden van Schiermonnikoog behoren tot
de schoonste in Nederland.
Waddenzee: in het zuiden is de kust veel rijker aan
slib dan langs het Noordzeestrand; de Waddenzee is dan ook een ondiepe kustzee
met slikken (of wadden) en zandbanken die bij laag tij droogvallen. De mariene
fauna is divers en rijk aan allerlei soorten algen en wieren (diatomeeën,
groenwieren, bruinwieren, roodwieren en de bacterieachtige blauwwieren), aan
wormen, schelpdieren, schaaldieren (krabben, garnalen, kreeften) en vissen;
het is daarnaast een voedselgebied voor vogels en zeehonden en een kraamkamer
voor garnalen en vis uit de Noordzee.
De zgn. waadvogels zoeken voedsel op het wad bij eb en bij vloed rusten ze op
hoger gelegen stranden, duinen en andere “hoogwatervluchtplaatsen”.
Zeehonden rusten bij eb uit op zandbanken en stranden, en foerageren vooral
bij vloed.
Duinlandschap
Door de hoge kalkaanvoer heeft Schiermonnikoog de meest kalkrijke duinen van
alle waddeneilanden. De oude duinen, ontstaan in de periode 1450 - 1850, ten
noorden van het dorp en de polder (Noorderduinen), zijn minder kalkrijk dan
de jonge duinen (Kobbeduinen, Willemsduin). Dit komt doordat de kalk nog niet
door het regenwater is weggespoeld. In de duinen van Schiermonnikoog leven enorm
veel vogels. De populatie konijnen is de afgelopen jaren sterk teruggelopen
als gevolg van epidemieën en zure regen. Omdat de konijnen minder afgrazen
zijn de duinen steeds begroeider. De duinen zijn gratis toegankelijk maar men
moet op de paden blijven en de natuur niet beschadigen.
De belangrijkste duingebieden zijn:
Duinen rond
de Westerplas: de duinen aan de westelijke kant zijn aangelegd
door mensenhanden, ook wel stuifdijken genoemd, omdat de zee hier veel duinen
wegspoelde. Het is een smalle rij jonge duinen die aangelegd zijn na 1850.
De oude duinen:
zoals de naam haast al zegt. Dit zijn de oudste duinen op het eiland. Ze liggen
aan de noordkant van het dorp en liggen er al vanaf ongeveer 1500.
Duinen ten noorden
van dorp en polder: deze duinen zijn ontstaan tussen 1400-1850.
Dit zijn de enige duinen waar dennenbossen groeien, hetzij aangeplant. Vroeger
had men veel problemen met het verstuiven van de duinen. Daarom heeft men hier
dennenbossen en helmgras aangeplant. Er komen veel zeldzame vogels en planten
voor in deze duinen.
De Kooiduinen:
deze duinen zijn eigenlijk een soort verlengde van de oude duinen. Ze zijn een
onderdeel van de dijkring. De duinen zijn in 1963 en in 1992 opgehoogd.
De Kobbeduinen:
de naam kobbe komt eigenlijk van kove en dat betekent meeuw. In deze duinen
leven veel planten dieren door de beschutte ligging.
Het Willemsduin:
deze duinen liggen het meest oostelijk. Deze duinen zijn de laatste jaren gegroeid
en gekrompen omdat er een stuifdijk aangelegd werd.
De Stuifdijk:
vroeger diende deze duindijk ter bescherming van het eiland maar dat is nu niet
meer nodig. Het is een lange rechte dijk van enkele kilometers lang. Zie verder
de pagina Jonge Duinen.
Kwelders
De kwelders zijn er pas sinds 1850. Voor die tijd was het oosten van Schiermonnikoog
een enorme lege vlakte met zand.
Oosterkwelder:
door de aanleg van de stuifdijk in 1960 kwam er een stuk vlakte apart en meer
beschut te liggen van de rest. Er groeiden veel planten en er ontstonden duinen.
In 1970 braken vier geulen vanuit de Noordzee door naar de kwelder. Er groeien
alleen planten die tegen zoutwater kunnen. Rijkswaterstaat heeft vanaf dat moment
het onderhoud aan de dijk stop gezet. De kwelder valt nu onder het Nationaal
Park en wordt beheerd door Natuurmonumenten. Sinds 1990 broedt er een kolonie
lepelaars in de kwelder. Om deze reden is de kwelder van half april tot half
juli gesloten zo dat de vogels in alle rust kunnen broeden.
Binnenkwelder:
het gebied werd eerst gebruikt als weide voor vee. Er graasde vee onder begeleiding
van een herder. Tot 1958, de weides groeiden dicht en planten gingen dood. Om
dit te voorkomen loopt er sinds 1975 weer vee rond om te grazen. De boeren vinden
op het ogenblik dat er te weinig begrazing is. Dit komt ten nadele van de ganzen
die nu naar de polder verhuizen. In de binnenkwelder is er een overgang van
zout- naar zoetwater. Sommige stukken land zijn er drassig maar er groeien wel
veel planten zoals de orchidee, watermunt en verschillende soorten heide.
Cultuurlandschappen
Banckspolder:
deze polder is ontstaan in 1859. John Eric Banck was toen de eigenaar van het
eiland. Hij heeft een dijk aan laten leggen zodat een kwelder aan de wadkant
droog kwam te staan. De dijk liep waar de huidige dijk nu staat. Door de plaatsing
van de dijk verdween op den duur het zout uit de bodem en veranderde de kwelder
in een polder. De polder heeft als eerbetoon aan de heer Banck de naam Banckspolder
gekregen. Er staat nu ook een monument. Vroeger waren er veel meer boerenbedrijven
dan de huidige zeven. Ze hadden toen akkerbouw en veelteelt om zo in hun eigen
veevoer te kunnen voorzien. Nu proberen boeren bij de bedrijfsvoering zo veel
mogelijk rekening te houden met het natuurbehoud in samenwerking met vrijwilligers
van de vereniging natuur- en vogelwacht. Sinds een aantal jaren komt de zeldzame
kerkuil ook weer voor op Schiermonnikoog. Verder overwinteren rotganzen en brandganzen
in de winter in de polder.
De Eerste Dennen
vlakbij het dorp en de Tweede Dennen vlakbij het strand.
Aangeplante dennenbossen uit 1912 en 1919. Ze zijn geplant door de toenmalige
eigenaar van Schiermonnikoog Graaf Von Bernstorff om te voorkomen dat de duinen
te veel zouden verstuiven, maar ook voor de kapverkoop. Na 1970, na enkele behoorlijke
stormen waardoor gaten in bossen achterbleven, kwamen er loofbomen voor terug.
Men wil er tegenwoordig zorg voor dragen dat er meer diversiteit in de bossen
voorkomt. Vanwege de dreiging dat alle in 1912 en 1919 geplante dennenbomen
over enige tijd tegelijk doodgaan, heeft Natuurmonumenten in 1995 een plan opgesteld
om op den duur de dennenbossen om te vormen naar bossen met veel loofbomen.
Dit duurt echter wel ongeveer 100 jaar. In de open stukken loofbos broeden veel
zangvogels maar ook de Sperwer en de Ransuil.
Binnenwater
Westerplas:
is het belangrijkste zoetwater gebied van het eiland. Er komen dan ook ontzettend
veel watervogels af op dit gebied maar niet alleen voor vogels is dit een belangrijke
plas. Ook voor de bewoners want hier haalt men een groot gedeelte van het drinkwater
vandaan.
Flora & fauna
Op Schiermonnikoog komen ontzettend veel verschillende vogels, planten, zoogdieren,
amfibieën en insecten voor. In de duinvalleien kan men uiterst zeldzame
en internationaal waardevolle platensoorten vinden zoals de Moeraswespenorchis,
de grote Muggenorchis en de Herminium. De Blauwe Kiekendief is de meest voorkomende
roofvogel op Schiermonnikoog. Schiermonnikoog is een lust voor de vogelliefhebber.
De trekperiode is de mooiste tijd. Het verschilt per vogelsoort wanneer zij
besluiten te gaan trekken. Schiermonnikoog heeft buiten de vogels en insecten
niet zo heel veel zoogdieren. Er leven natuurlijk de zeehonden, die meestal
te vinden zijn op de zandbanken, het konijn, de haas en de egel. Van nature
zijn er eigenlijk geen roofdieren op het eiland. De enige die aanwezig is, is
door de mens meegebracht, namelijk de kat en vooral de verwilderde katten die
nu in de duinen leven. Er komen hoofdzakelijk twee soorten amfibieën voor
op het eiland. De watersalamander en de rugstreeppad. De laatste is vaak goed
te horen op zwoele avonden in de duinvalleien.
Natuurcentra
Bezoekerscentrum Schiermonnikoog is een centrum voor
natuurvoorlichting en educatie van het Nationaal Park Schiermonnikoog. Hier
kan men een permanente expositie vinden met een diapresentatie, boeken over
Schiermonnikoog en diverse natuuronderwerpen en tevens is er sinds kort een
klein cultuurhistorisch museum aanwezig. Torenstreek 20 (aan de voet van de
witte watertoren), Postbus 32, 9166 ZP Schiermonnikoog.