| Regio |
| Kust van Voorne |
| |
![]() |
Historie
De Kust van Voorne bestond ongeveer duizend jaar geleden uit zandplaten en zandkernen, met afwisselend slikken, schorren en kreken, vergelijkbaar met het huidige waddengebied. De Maas stroomde toen naar zee via een uitgebreid stelstel van geulen. Door veranderingen in het stromingspatroon werd een breed gebied met voornamelijk jonge duinen gevormd. De rivier schuurde het zand uit de bodem en zetten dit af in het mondingsgebied. Zo ontstonden eilanden die bij eb droogvielen en die, na verloop van tijd, begroeid raakten. De zandplaten achter de duinen werden ingepolderd en er ontstonden eilandjes, die door samenvoegingen steeds groter werden. In de 12e eeuw ontstonden er al enkele polders, zoals Oud-Rockanje en Oud-Hellevoet. In 1600 was er een brede en aaneengesloten duinenrij ontstaan, ook doordat het stuifzand werd opgevangen door de ‘aangelegde’ polderdijken. Verdere stabilisatie van de duinen werd bereikt door de aanplant van helmgras. Een nieuwe periode van sterke duinvorming ontstond eind 18e eeuw toen de Nieuwe Waterweg werd aangelegd, dwars door een stuk duingebied. Hierdoor werd veel zand verplaatst, dat voor een flink deel op de Kust van Voorne werd afgezet.
De strandvlakte van Oostvoorne ontstond door afsluiting van het Oostvoornse Meer in 1966. Door het verdwijnen van de getijstromen werden grote hoeveelheden zand op de kust afgezet met als gevolg zandverstuiving en duinvorming. De strandvlakte (onderdeel van het natuurgebied Voorne’s Duin) is tegenwoordig niet meer toegankelijk voor auto’s hoewel het jarenlang bekend was als het Autostrand.
Heveringen is een oud duingebied dat na 1100 is ontstaan.
Door de eeuwen heen is de kalk door het regenwater weggespoeld en is de ondergrond
kalkarm geworden. Dit in tegenstelling tot de verder kalkrijke, jongere duinen
van Voone. In dit gebied werd na de tweede wereldoorlog de Tenellaplas
gegraven (bezoekerscentrum en onderdeel van het natuurgebied Voorne’s
Duin).
Het Breede Water is één van de grootste
natuurlijke duinmeren van Nederland. Het is ontstaan in de bedding van het inmiddels
verzande riviertje de Strijpe (een kreek), die eeuwenlang heeft voorkomen dat
de duinenrijen aan elkaar groeiden. Een fraai gebied dat rijk is aan vogels,
zoals aalscholvers.
Nabij de Haringvlietdam ligt het Quackjeswater, een oud duinmeer omringd door een oud bos en twee duinreeksen, dat tussen de 16e en 18e eeuw is ontstaan. Een fraai gebied met een grote diversiteit aan vogels, zoals lepelaars en blauwe reigers.
Oostvoorne:
werd ca 1100 voor het eerst genoemd. Toen was Oostvoorne niet meer dan een burcht
met een kapel en enkele bijgebouwen. De eilanden Voorne en Flakkee vormden tot
ca 1200 één eiland, waarop Oostvoorne aan de oostzijde was gelegen.
De naam Voorne komt waarschijnlijk voort uit de naam Voorland, waarmee destijds
het land aan de kust werd aangeduid. Rond 1350 begon zich een dorp te vormen.
Door het indijken van land bereikte het dorp omstreeks 1500 al dezelfde grootte
als het tegenwoordige dorpsgebied. Landbouw en veeteelt waren oorspronkelijk
de belangrijkste bron van inkomen, maar omstreeks 1900 was er een algehele omschakeling
naar de tuinbouw. Naast de teelt van groente is vooral de bloembollencultuur
de laatste decennia sterk toegenomen. Europoort vormt tegenwoordig eveneens
een belangrijke bron van inkomen maar betekent tevens een bedreiging voor het
milieu. En daarnaast ontwikkelde zich vanaf het midden van de twintigste eeuw
de toeristische industrie. Het recreatiecentrum Kruininger Gors biedt in het
hoogseizoen plaats aan zo’n 10.000 vakantiegangers. In dit natuurrijke
gebied bevinden zich diverse gezondheidskolonies voor zieke kinderen die hier
weer kunnen aansterken.
Rockanje:
werd omstreeks 1200 voor het eerst genoemd, maar uit opgravingen is gebleken
dat dit gebied al 2000 jaar voor Christus werd bewoond. Hoewel Rockanje een
kustplaats is, bestaat de bodem uit klei- en leemlagen die zijn ontstaan door
de vele inpolderingen in het verleden. In de 11e en 12e eeuw had de zee nog
vrij spel. Bij vloed werd telkens een laagje zeeklei gebracht op de uitgestrekte
gorzen van Rockanje en de omliggende gebieden. Uiteindelijk zijn er 9 kleipolders
ontstaan, waarvan Oud-Rockanje de oudste is. Tijdens de St. Elisabethsvloed
in 1421 zijn veel polders onder water gelopen.
Tinte:
de aanwezigheid van een meekrapfabriek (ca 1600-1808) was de basis voor het
ontstaan van dit dorp (de wortels van de meekrapplant bevat een rode kleurstof,
die werd gebruikt voor het roodverven van textiel en lederwaren). Daarvoor bestond
het dorp uit een klein aantal boerderijen met wat arbeidershuisjes. Later was
het voor de arbeiders van de fabriek nodig om meer huizen te bouwen, waardoor
een zekere dorpskern ontstond. Eind 18e eeuw vestigden zich steeds meer kleine
middenstanders, die produkten leverden aan de boerenbedrijven. Later vestigden
zich hier timmerlieden, metselaars en schilders, waardoor uiteindelijk een volledig
dorp is ontstaan